Alternatief tuchtcollege geeft oordeel over psychiater na falen eigen therapeut

Een zeer dubieus oordeel van het alternatief tuchtcollege

Oordeel psychiater wordt door tuchtcollege arrogant terzijde geschoven.

oordeel

Psychiater A gaat op verzoek van haar patient samenwerken met  craniosacraal therapeut B. Dit is vrij uniek te noemen. Deze psychiater denkt niet in de vastgestelde medische hokjes. Craniosacraal therapeut B vindt zichzelf na verloop van tijd een betere psychotherapeut en besluit niet meer samen te werken met psychiater A. Ze werkt samen met psychotherapeut C die levenslang geschorst is wegens sexueel misbruik van een patient.

Craniosacraal therapeut B overschrijdt alle therapeutische grenzen ten aanzien van haar patient en verbreekt vervolgens de therapeutische relatie per mail zonder enige opvang, doorverwijzing of overdracht. Dit gaat objectief in tegen alle richtlijnen van de beroepsgroep. De beroepsgroep  craniosacraal  pretendeert een veilige beroepsgroep te zijn omdat alle therapeuten het reglement naleven.

Patient dient een klacht in. Ook psychiater A dient een klacht in. Hier volgen enkele zeer dubieuze uitspraken van het tuchtcollege:

“De psychiater zou ook een persoonlijke band met klaagster zijn aangegaan; zij ging bijvoorbeeld met haar winkelen. Ter zitting heeft de psychiater dat niet tegengesproken”

De psychiater is niet aangeklaagd. Er is de psychiater niet gevraagd om een reactie. Het tuchtcollege kan op grond van de ingediende klacht en stukken hierover niet oordelen.

Het college is van mening dat dit gevaar onvoldoende door verweerster (en psychiater) is onderkend.

Het college stelt dat de psychiater dit onvoldoende onderkent heeft. Wederom kan men dit niet beoordelen. Bovendien gaat de klacht niet over de psychiater.

“De psychiater stelt dat zij zich terugtrok uit de trauma behandeling en enige afstand nam, maar kennelijk bleef zij de patiënte regelmatig zien. Zij bleef behandelend psychiater en het was onduidelijk wie nu welke invloed op de behandeling van klaagster had”

“Dat overdracht naar andere behandelaars niet mogelijk zou zijn bij DIS patiënten, zoals de psychiater stelt, is naar de mening van het college in zo’n geval niet vol te houden. De schade die in deze voortgang en onenigheid aan het therapeutisch proces en aan de patiënt berokkend kan worden, laat zich wel degelijk afwegen tegen een goed begeleide overdracht aan andere behandelaars.”

Het tuchtcollege overruled de mening van de psychiater. Zij kunnen hierover niet oordelen.

“Zij beweert in haar klacht aan het RCN en later in haar schriftelijke ondersteuning van de klacht bij het Tuchtcollege dat zij tevoren niet op de hoogte was van de opzegging. Dat mag op zichzelf misschien zo zijn, maar uit het mailverkeer blijkt dat zij de onhoudbaarheid van de situatie moet hebben gezien.”

Ook dit is niet onderzocht. Wederom wordt er een uitspraak over de psychiater gedaan.

“Het is dan ook verbazingwekkend dat zij zelf een klacht indiende over het handelen van verweerster, ‘nadat zij de effecten bij patiënte had waargenomen’.”

Weer een oordeel over de psychiater.

“In plaats dat klaagster direct aan verweerster vroeg om deze kist of doos te retourneren, deed de psychiater dat voor haar.”

Het college heeft geen inzicht in de achtergrond van deze situatie en suggereert dat de psychiater dit niet had moeten doen.

“Dergelijke dwingendheid vervat in het acteren van klaagster -voortkomend uit pathologie of het complex aan psychologische fenomenen bij de behandelrelatie-lijkt gedurende de hele behandelperiode telkens bij beide therapeuten een vruchtbare bodem gevonden te hebben. De voortzetting daarvan lijkt zich ook te uiten in de zelfstandige klacht en de ‘getuigenverklaring’ van de psychiater.”

Dit oordeel heeft niets met de klacht te maken en hiermee wordt ook de psychiater gediskwalificeerd.

“Hoe ook verweerster de sturing en correctie van de psychiater, die volgens het college als hoofdbehandelaar kan worden aangemerkt”

Verweerster wilde niet meer samenwerken met de psychiater. In deze constructie is niet zonder meer vast te stellen dat de psychiater hoofdbehandelaar was.

De uitspraak bevat nauwelijks uitspraken van verweerster. Verweerster is ook nauwelijks wat gevraagd. Het was psychiater A die ter verantwoording geroepen werd en veroordeelt.

De psychiater heeft schriftelijk gereageerd op alle aantijgingen.

http://info-craniosacraal.nl/reactie-psychiater-alternatief-tuchtcollege-rcn/