Tuchtrecht: Overschrijding competentiegrenzen leidt tot dubieuze tuchtrechtspraak

Alternatief tuchtrecht schijnveiligheid?

De alternatieve zorg valt niet onder de Reguliere tuchtrechtspraak en niet onder de Inspectie voor de Volksgezondheid. Dat geldt dus ook voor de craniosacraal therapie. Het lijkt een professionele stap dat craniosacraal therapie een eigen tuchtcollege en daarmee tuchtrecht, kent. Toch lijkt het erop dat ook binnen het tuchtrecht de strijd voor erkenning van alternatieve beroepsgroepen boven de objectieve beoordeling van een klacht gaat.

Het tuchtrecht van de beroepsgroep RCN is onderdeel van:

Nederlandse Werkgroep voor Practizijns (NWP)
Nederlandse Vereniging voor Klassiek Homeopaten (NVKH)
Register Craniosacraal therapie Nederland (RCN)
Vereniging voor Natuurgeneeswijzen Nederland (VNT)

Dit is een zeer diverse samenstelling waarbij het al moeilijk wordt om elkaars werkterrein te beoordelen.

Er is geen enkel toezicht op het handelen van alternatief therapeuten. De eigen beroepsgroep moet dit toetsen.

Het is helaas geen theoretisch voorbeeld dat door het buiten de competentiegrenzen treden ook het tuchtrecht niet functioneert. Craniosacraal therapeuten begeven zich op het gebied van psychotherapie. Bovenstaande beroepsverenigingen zijn hierin niet gespecialiceerd. Een lid van de beroepsvereniging neemt zitting in het tuchtcollege en moet een situatie gaan beoordelen die buiten het indicatiegebied en ervaringsgebied valt.

Waar dit toe kan leiden kunt u lezen op de volgende pagina:

http://www.platform-integratieve-gezondheidzorg.nl/conclusie-uitspraak-tuchtcollege/