Wetenschappelijke grond afwezig in craniosacraal therapie

Craniosacraal: Geen enkele wetenschappelijke grond.

Craniosacraaltherapie is één van de ruim 60  “erkende”  alternatieve behandelingsmethodes. Deze hebben met elkaar gemeen dat er geen wetenschappelijk bewijs is van de geneeskundige werking ervan.

Dit wil niet zeggen dat cliënten er geen baat bij kunnen hebben. Vele therapieën zijn gestoeld op het in diepe ontspanning brengen van een patiënt. Hierdoor kan een cliënt stressvermindering ervaren, pijnlijke plekken voelen die in het hectische dagelijkse bestaan genegeerd worden, verdriet voelen, tot rust komen; simpelweg door stilgezet te worden. Als de methode die wordt toegepast geen schadelijke bijwerkingen heeft dan is met deze alternatieve wijze van behandelen niets mis.

Anders wordt het wanneer pseudowetenschap wordt bedreven. Wanneer claims gebruikt worden die niet onderbouwd zijn. Wanneer een geneeskundige werking beloofd wordt die op aannames zijn gebaseerd die niet kloppen. En helemaal kwalijk wordt het wanneer die aannames gepresenteerd worden als wetenschappelijke feiten.

Om zich te onderscheiden en geloofwaardigheid te betrachten worden de meest uiteenlopende claims gebruikt. Een medicus als grondlegger en het gebruik van zoveel mogelijk ingewikkelde medische termen is zo’n manier. Craniosacraal therapie heeft hier niet het patent op maar gaat wel heel ver in het misleiden van cliënten. Er wordt gebruik gemaakt van afwisselend wetenschappelijke en holistische overtuigingen.

Is daarmee de therapie nutteloos of schadelijk? Het antwoord is nee. Maar de behandeling past moeiteloos in het rijtje: holistische massage, hot stone massage, energetische therapie, touch for health (toegepaste kinesiologie), integratieve massage, magnetiseren, biodynamische therapie, voetreflexmassage, rebalancing, emotioneel lichaamswerk, Reiki, Quantum Touch, Shiatsu, Bowen therapie, Healing Touch, integrale lichaamsmassage enz. Al deze therapieën werken met de helende energie van het lichaam door het lichaam aan te raken. Al deze therapieën hebben een beroepsvereniging die de opleidings en kwaliteitseisen waarborgen. Alle therapieën hebben vele tevreden patiënten.

Zoals een holistisch therapeut formuleert:

“Ieder mens heeft van nature de behoefte om aangeraakt te worden. Vooral als het lichaam signalen geeft die onplezierig zijn (zoals nek- of rugpijn).Door middel van massage krijg je aandacht en word je je bewust hoe je lichaam aanvoelt.Je lichaam voelen is enorm belangrijk, want dan weet je of je gespannen of ontspannen bent.Doordat we in onze maatschappij vaak zo weinig contact met ons lichaam hebben zijn we ons niet bewust van spanningen, tot het lichaam steeds sterkere signalen gaat uitzenden door middel van pijn. Massage is ook een moment voor jezelf om te ontspannen, te voelen waar je spanningen zich bevinden en zicht te krijgen wat die spanningen jou te zeggen hebben. Na een massage voelen de meeste mensen zich totaal anders, het denken en handelen is even tot rust gekomen, en er is weer ruimte om te voelen en te ervaren.”

Bovenstaande roept geen weerstand op. Doet geen beroep op wetenschap. Er worden geen onrechtmatige claims geuit.

Cranio sacraal therapeuten doen dat echter wel.

Het begint bij de moderne grondlegger van cranio-sacrale therapie. Dr. John E. Upledger. Onderstaande informatie wordt door iedere cranio sacraal therapeut onderschreven.

“In 1975 ontdekte dr. John Upledger in Amerika tijdens een hersenoperatie bij toeval dat wij als mens niet slechts over een ademhalingsritme en een hartritme beschikken, maar over nog een zelfstandig en tegelijkertijd zeer belangrijk ritme. Dit ritme kreeg de naam Cranio-Sacraal Ritme, daar het veroorzaakt wordt door het uitzetten en het inkrimpen van de schedelbotten (het cranium) en de bijbehorende beweging die via de wervelkolom wordt doorgegeven aan heiligbeen/stuitje (het sacrum). Het bleek een ritme van tussen de 8 tot 12 per minuut te betreffen, en niet slechts op de schedel voelbaar, maar over het gehele lijf.

Uit wetenschappelijk onderzoek dat dr. John E. Upledger in de volgende jaren met een wetenschappelijk team aan de Universiteit van Michigan ging verrichtten, bleek dat deze ontdekking grote implicaties en mogelijkheden met zich mee zou brengen. Daar het gericht ‘gebruiken’ van dit ritme een soms haast ‘wonderbaarlijke’ therapievorm zou worden die rechtstreeks op het zelf herstellend vermogen van de mens werkt.”

 De “ontdekking” van Dr John E. Upledger wordt gepresenteerd als een wetenschappelijk feit.

Er wordt wetenschappelijk onderzoek aangehaald. De uitspraak dat deze ontdekking grote implicaties en mogelijkheden met zich mee zou brengen is een uitspraak die niets zegt. Welke implicaties en welke mogelijkheden zijn uit dit wetenschappelijk onderzoek naar voren gekomen? Op geen enkele informatiebron van cranio sacraal therapeuten wordt inhoudelijk gerefereerd aan, of verwezen naar de wetenschappelijke onderzoeken van dr. John E. Upledger.

Wanneer het cranio sacraal ritme zo’n wetenschappelijk revolutionaire ontdekking zou zijn geweest met grote therapeutische mogelijkheden dan is het wel heel wonderlijk dat in de afgelopen bijna 40 jaar geen enkele arts, onderzoeker, wetenschapper dit heeft aan kunnen tonen cq. verder is gegaan met de “opmerkelijke” bevindingen van Dr. John E. Upledger.

Er is daarentegen wel wetenschappelijk bewijs dat de meest belangrijke en basis aanname over de werking van cranio sacraal therapie niet klopt. Hier volgt een uitleg over de basisprincipes van cranio sacrale therapie:

Doordat de hoeveelheid hersenvocht regelmatig toe- en weer afneemt, verandert ook de druk die de vloeistof op het hersenvlies en daarmee op de schedelbeenderen uitoefent. Zo ontstaat de ritmische beweging van het hersenvlies en de beenderen, ofwel het Cranio-Sacraal ritme.

Het cranio-sacraal ritme is te voelen in het hele lichaam, doordat het bindweefsel alle organen met elkaar verbindt. Spanningsveranderingen binnen dit cranio sacrale systeem zullen ook veranderingen in voortgeleiding van het ritme veroorzaken, en kunnen legio klachten veroorzaken.

Cranio-Sacraaltherapie is er op gericht de blokkades binnen het Cranio-Sacraal Systeem op te heffen, zodat het hersenvlies en de schedelbeenderen hun natuurlijke bewegingsvrijheid terug krijgen en het ritme hersteld wordt. Hierbij worden de schedelbeenderen voorgesteld als harde uitlopers van het hersenvlies. Door ze als een soort handvaten te gebruiken, wordt invloed uitgeoefend op het Cranio-Sacraal Systeem. Een ervaren therapeut(e) kan het Cranio-Sacraal ritme met zijn/haar handen waarnemen via bijna ieder lichaamsdeel

Door Cranio Sacraal Therapie wordt via de bereikte ontspanning in het fasciaal systeem, waarvan het durale membraan systeem een zeer centraal deel uitmaakt, het lichaam de mogelijkheid gegeven tot herstel van het verloren gegane evenwicht. Om in een behandeling het Cranio-Sacraal Systeem te kunnen aanspreken moet er daarom vrijwel altijd slechts 5 gram meer kracht te worden gebruikt, dan de totale krachten in een aanwezige blokkade vragen. Dit om ook daadwerkelijk het Cranio-Sacraal Systeem te kunnen aanspreken en een blokkade te kunnen laten ‘oplossen.’

Zonder twijfel is het meest controversiële aspect van de osteopathie het ‘craniale’ deel: cranio sacraal therapie. Bovenstaande laat zien dat de cranio sacraal therapeut aanneemt dat naast de wervelkolom ook de schedelbeenderen een zekere mate van (minimale) beweeglijkheid vertonen en dat deze beweeglijkheid met de handen voelbaar is. Verder neemt men aan dat er een fluctuatie plaatsvindt van de liquor cerebrospinalis en dat manuele manipulatie van de schedelbeenderen, de wervelkolom en de liquor een therapeutisch effect heeft. Het bestaan van de genoemde fluctuaties is wel onderzocht maar niet aangetoond.

Hier volgt een opsomming van de onderzoeken die de wetenschappelijke claims die de beroepsverenigingen van cranio-sacraal therapie suggereren tegenspreken:

Downey et al. hebben in 2006 (1) aangetoond dat cranio sacraal therapeuten de beenderen van de schedel niet voldoende kunnen laten bewegen om enige invloed uit te kunnen oefenen op de druk of circulatie van vloeistof die de hersenen of het ruggemerg omringen.

  1. Downey et al. Craniosacral therapy: the effects of cranial manipulation on intracranial pressure and cranial bone movement. Journal of Orthopaedic & Sports Physical Therapy. 2006.

Een eerdere publicatie over de bewegelijkheid van de beenderen is door Hartman gepubliceerd (2) Hij stelt dat de onderliggende theorie van cranio sacraal niet klopt omdat tegen het einde van de adolescentie samensmelten. Geen enkel onderzoek heeft ooit aangetoond dat manuele manipulatie de craniale beenderen kan doen bewegen

  1. Hartman SE, Norton JM. Interexaminer reliability and cranial osteopathy. Scientific Review of Alternative Medicine 6(1):23-34, 2002.

Cranio sacrale therapeuten beweren dat ze in staat zijn een craniosacraal “ritme” waar te nemen in de schedel, het heiligbeen, cerebrospinale vloeistof en de membranen die zich rondom het craniosacrale systeem bevinden. De balans en de stroom van dit ritme worden essentieel geacht voor een goede gezondheid. Het ritme wordt gemeten door de handen van de therapeut. Elke noodzakelijke of toegebrachte wijzigingen worden eveneens enkel door de handen van de therapeut waargenomen. Geen enkel instrument wordt gebruikt om het ritme of de wijzigingen ervan te meten. Bijgevolg bestaat er geen enkele systematisch objectieve meting van gezonde versus ongezonde ritmes. De meting, de therapie en de verklaarde genezing hebben allemaal een subjectieve basis

Het enige mogelijke waarneembare ritme in de schedel en in de cerebrospinale vloeistof houdt verband houdt met het cardiovasculaire systeem. Wanneer getest (3), waren verschillende therapeuten niet in staat om hetzelfde metingsresultaat van het vermeende craniosacrale ritme te verkrijgen.

  1. Phys Ther. 1994 Oct;74(10):908-16; discussion 917-20. Interrater reliability of craniosacral rate measurements and their relationship with subjects’ and examiners’ heart and respiratory rate measurements. Wirth-Pattullo V1, Hayes KW.

Er is nog een studie (4) die aantoont dat cranio sacraal therapeuten conflicterende diagnoses stellen bij dezelfde patiënten.

  1. Moran et al. Intraexaminer and interexaminer reliability for palpation of the cranial rhythmic impulse at the head and sacrum. Journal of Manipulative & Physiological Therapeutics. 2001.

In een systematisch bespreking van het wetenschappelijke bewijs voor craniosacrale therapie, concludeerde het British Columbia Office of Health Technology Assessment (BCOHTA) (5) in een rapport van 68 pagina’s dat er onvoldoende wetenschappelijk bewijs is om cranio sacrale therapie aan te raden aan patiënten, artsen of verzekeraars voor om het even welke ziektetoestand. De theorie is niet valide. De beoefenaars kunnen niet betrouwbaar meten wat ze claimen te kunnen beinvloeden. De auteurs van de bespreking merken op dat hoewel “er bewijs bestaat voor een craniosacraal ritme, impuls of ‘primaire ademhaling’ onafhankelijk van andere meetbare lichaamsritmes (hartslag, of ademhaling)”, er geen geldig bewijs is dat dit ritme “op betrouwbare wijze door een onderzoeker kan worden waargenomen” of dat het enige invloed heeft op de gezondheid of de ziektetoestand.

Er zijn zeer goed beschreven mechanismes die het lichaam gebruikt om toenemende intracraniale druk te compenseren. Zie als basis de Monro-Kellie hypothese (6) Uitzetten van het cranium behoort niet tot één van de mechanismes die de druk verminderen.

  1. Mokri et al. The Monro–Kellie hypothesis: Applications in CSF volume depletion

Bahram Mokri  doi: 10.1212/WNL.56.12.1746 Neurology June 26, 2001 vol. 56 no. 12 1746-1748

June 26, 2001 56:1746-1748; 1526-632X

Zelfs Complementary Therapies in Medicine ; een tijdschrift dat veel meer sympathie heeft met alternatieve therapieën dan de gangbare wetenschappelijke tijdschriften, publiceerde een rapport (7) over de beschikbare onderzoeken tot 1999. Hun conclusie:

De beschikbare onderzoeken die positieve resultaten melden zijn niet valide uitgevoerd. Er is onvoldoende bewijs om cranio sacraal therapie te ondersteunen.

  1. Green C, Martin CW, Bassett K, Kazanjian A. A systematic review of craniosacral therapy: biological plausibility, assessment reliability and clinical effectiveness. Complement Ther Med.1999; 7:201–207

In 2006 werd cranio sacrale therapie ter discussie gesteld in een ander tijdschrift waarvan je mag verwachten dat ze open staan voor een alternatieve therapie nl. Chiroprotic & Osteopathy.(8) Dr. Steve Hartman concludeert:

Craniosacraal therapie mist ieder biologisch aanneembaar mechanisme. Het laat geen diagnostische betrouwbaarheid zien en het biedt heel weinig hoop dat er ooit een klinisch effect zichtbaar zal zijn. Alle onderzoeksbevindingen tot nu toe zijn uniform negatief.

  1. Hartman. Cranial osteopathy: its fate seems clear. Chiroprotic & Osteopathy. 2006.

In 2011 publiceerde de Archives of Disease in Childhood (9) de resultaten van een goed opgezet gerandomiseerde controle studie van 142 kinderen in de leeftijd van 5 tot 12 jaar met cerebrale paralyse. De helft kreeg cranio sacrale therapie (tot 6 sessies). Na 6 maanden vonden de onderzoekers geen enkel verschil in motorische functie tussen de behandelde en niet behandelde groep.

  1. Wyatt K. Cranial osteopathy for children with cerebral palsy: A randomised controlled trial. Archives of Disease in Childhood, doi:10.1136/adc.2010.199877, Feb 24, 2011.

Ook Edzard Ernst heeft zich beziggehouden met de werkzaamheid van cranio sacrale therapie. Hij is de eerste hoogleraar complementaire geneeskunde in het Verenigd Koninkrijk
Een systematisch literatuuronderzoek door Edzard Ernst (10) in 2012 toonde aan dat er geen enkele evidentie is voor de werkzaamheid van craniosacraaltherapie

  1. Craniosacral therapy: a systematic review of the clinical evidence Edzard Ernst MD, PhD, FMedSci, FSB, FRCP, FRCPEd Editor-in-chief of FACT, Emeritus Professor Article first published online: 18 OCT 2012DOI: 10.1111/j.2042-7166.2012.01174.x © 2012 The Author FACT © 2012 Royal Pharmaceutical Society

Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) is een Belgische publieke instelling (parastatale), opgericht op federaal niveau. Haar opdracht: studierapporten maken om de beleidsmakers bij te staan in hun beslissingen. Deze beslissingen moeten leiden tot een zo efficiënt mogelijke toewijzing van de beschikbare middelen om zo de beste medische zorgen en een zo groot mogelijke toegankelijkheid tot de gezondheidszorg te waarborgen.

Ook KCE bevestigt in haar onderzoeksrapport in 2010 (11) over osteopathie en chiropraxie dat er “geen enkel bewijs is gevonden voor de viscerale en cranio-sacrale osteopathie”.

  1. T. De Gendt e.a.: Stand van zaken voor de osteopathie en de chiropraxie in België. KCE rapporten 148A. Brussel: Federaal Kenniscentrum voor de gezondheidszorg, 2010.

Er is één studie bekend (12) waarin mobiliteit van de schedel zou zijn vastgelegd en gemeten met röntgenfoto’s. Het betrof een pilot studie zonder controlegroep en retrospectief uitgevoerd. De auteurs van dit artikel geven zelf aan dat verder onderzoek nodig is om de bevindingen te bevestigen. Zij bevelen een dubbelblind prospectief onderzoek aan op veel grotere schaal, gebruik makend van digitale radiografie geanalyseerd door geavanceerde software

  1. Radiographic Evidence of Cranial Bone Mobility

Sheryl Lynn Oleski, B.S., Gerald H. Smith, D.D.S., William T. Crow, D.O.

From: Cranio: The Jornal of Craniomandibular Practice, January 2002, Volume 20, Number 1, pp 34.

Conclusie:

Er bestaat geen plausibele biologische basis voor de claims ten aanzien van het cranio sacrale ritme. Elk effect van cranio sacrale therapie moet wel heel subtiel zijn aangezien het niet meetbaar is. Natuurlijk wil het feit dat het niet meetbaar is niet zeggen dat het niet bestaat. Het lijkt echter heel onwaarschijnlijk dat de craniosacraal therapeut de wijsheid en de kennis bezit om betrouwbare effecten te produceren middels een fenomeen dat zo subtiel is dat het niet meetbaar is.

Ieder die zich bezighoudt met neurologie en fysiologie moet een zekere nederigheid betrachten. Een volledige kennis over het systeem is er niet. Er zijn nog teveel onontgonnen gebieden. Toch beweren craniosacraal therapeuten te weten wat er in een gebied gebeurt wat geen enkele wetenschapper weet. Het is zeer misleidend om je als beroepsgroep te presenteren middels wetenschappelijk onderzoek van een arts als grondlegger. Om vele termen te gebruiken die wetenschap suggereren.

Hoe tegenstrijdig kun je zijn als beroepsgroep zijn door enerzijds te refereren aan wetenschappelijk onderzoek verricht door Dr. E. Upledger en aan de andere kant toe te geven dat er geen wetenschappelijk bewijs is. Al jaren communiceren de beroepverenigingen dat ze wetenschappelijk onderzoek zouden toejuichen. Dit klinkt als een diepe overtuiging dat de craniosacraal therapie een wetenschappelijke basis heeft. Deze overtuiging zal oprecht geleefd worden. Maar staat ver van de realiteit. Men sluit de ogen voor alle onderzoeken die hebben aangetoond dat er geen wetenschappelijke grond is. Maar dit is ook het kenmerk van pseudowetenschappers. Pseudowetenschap is de benaming voor een stelsel van opvattingen, uitspraken, of handelingen dat de toets van een wetenschappelijke methode niet doorstaat maar waarvan aanhangers toch blijven beweren of suggereren dat het om wetenschap handelt. Zoals wel meer medische pseudowetenschappen is cranio sacraal therapie niet het product van een samenwerking tussen meerdere research programma’s door verschillende individuen die voortborduren op elkaars werk. Het is het inzicht van één individu.

De beroepsgroep craniosacraal RCN en UCN schermen met wetenschappelijk onderzoek. Op de website van UCN wordt gemeld dat er een werkgroep is opgericht ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek.

Beroepsgroep UCN laat weten via hun website weten:

Om de behaalde resultaten ook meetbaar te maken, zet de UCN zich actief in voor stimulering van wetenschappelijk onderzoek Hierbij gaat het om:

  • Bureauonderzoek: een inventarisatie van bestaande neurofysiologische onderzoeken die van belang zijn voor cranio sacraal therapie. • RCT-onderzoek naar Alzheimer en CST in Nederland. • RCT-onderzoek naar sinusitis en CST in Nederland.

Deze beweringen worden al jaren gedaan. Nooit is er een onderzoek van de grond gekomen. Ook nu wordt er geen enkele inhoudelijke mededeling gedaan over de opzet, de plaats, de betrokken onderzoekers, de te meten parameters, de methode, de verwerking van data enz.

Op de UCN website staat ook vermeld dat een cranio sacraal therapeut uit Groningen een onderzoek gaat doen naar het effect van cranio sacraal therapie op de bekkenbodem. Aan collega-therapeuten de vraag om mee te denken over de opzet van het onderzoek, het statistisch juist analyseren van de data en de mogelijkheden van financiële ondersteuning.

Bovenstaande mededelingen zijn bedroevend. Onderzoek is een wetenschap. Onderzoeksopzet, validiteit, verwerken van data. Het is een jarenlange studie. Maar de cranio sacraal therapeuten gaan dit zelf doen.

Niemand zal ontkennen dat craniosacraal therapie heel ontspannend kan werken en daarmee processen in gang kan zetten. Maar vele andere therapieën kunnen die ook in gang zetten. Het zegt niets over de mogelijkheid tot manipulatie van het cranio sacrale ritme.

Waarom deze interesse? Wat maakt het uit dat het niet wetenschappelijk is bewezen zolang het niet schadelijk is en vele cliënten melden er baat bij te hebben. Het schaadt de positie van de alternatieve of een betere benaming de complementaire geneeskunde. Niemand zal ontkennen , ook de reguliere geneeskunde niet dat er een wisselwerking is tussen lichaam en geest. Geen enkele reguliere arts zal zijn patiënt ontraden om een therapeut te bezoeken die middels massage voor ontspanning kan zorgen. Maar als de reguliere artsen claims zouden gebruiken die de craniosacraal therapeut gebruikt dan is er direct de inspectie voor de gezondheidszorg. Correctie door collega’s. Aandacht van de media. Een erkend landelijk tuchtcollege. De alternatieve zorg kent deze corrigerende macht niet. En kan dus alles roepen, alles claimen. Elk onderzoek wat het tegendeel aantoont negeren en blijven roepen dat ze zelf onderzoek willen doen. En vooral de wetenschappelijke basis kunnen blijven aanhalen.

Deze onderzoeken zijn ruimschoots gedaan. En een onderzoek dat aan moet tonen dat patiënten zich beter voelen is moeilijk te classificeren en zegt niets over het bewijs van het bestaan van een cranio sacraal systeem wat manueel te manipuleren zou zijn.

Het zegt iets over de karakterstructuur van mensen wanneer ze zich op het alternatieve holistische pad begeven maar zich op de kaart willen zetten door erkenning vanuit de conventionele medische wetenschappelijke wereld. Dat is een contradictie. Mogelijk te verklaren vanuit de achtergrond die de meeste craniosacraal therapeuten hebben, nl. fysiotherapie.

Een therapeut die krampachtig vasthoudt aan de “overtuigende wetenschappelijke bewijzen” van een osteopaat die nooit navolging heeft gekregen moet wel rigide zijn. En dit is de tragiek van de cranio sacraal therapeut. Het is een holistische therapie. Maar de cranio sacaal therapeut wil erkenning vanuit de reguliere wetenschappelijke medische wereld. Vast houden aan overtuigingen, streven naar een erkenning die er niet kan komen kan leiden tot frustratie, Men wordt onderdeel van een gemeenschap die teert op elkaars enthousiasme en elk kritisch geluid buitensluit. Een volgende stap, die ook zichtbaar is binnen de cranio sacrale therapie, is dan dat er steeds meer claims komen en de therapeut zichzelf steeds meer vaardigheden toedicht die buiten het competentieterrein vallen.

Dit wordt door ons beschouwd als een zeer zorgwekkende ontwikkeling.